RASSTANDAARD F C I (vertaald)
 
Irish Glen of Imaal Terrier       F.C.I. No: 302         25-04-2001     Oorsprong: Ierland
 
Gebruik:
Zoals alle terriers moest dit kleine, taaie ras de das en de vos bejagen en tevens de ratten populatie tot een minimum beperken. Daarnaast is het een vriendelijke en gezeglijke gezinshond.
 
Classificatie F.C.I.:
Terriergroep III, sectie 1, grote en middelgrote terriers zonder werktest.
 
Classificatie Ierland:
Terrier Groep
 
Kort historisch overzicht:
Zoals veel honden in de Terrier groep niet echt gewaardeerd door de adel en grote heren, is de Irish Glen of Imaal een oud ras dat lange tijd onopgemerkt bleef en niet het resultaat van latere fokexperimenten.
Het is een streekgebonden hond, verbonden aan het sombere gebied van de Glen of Imaal. De boeren van deze streek, die afstamden van soldaten aan wie het land in de 16e en 17e eeuw gegeven was als betaling voor hun diensten aan de Britse Kroon, moesten al hun listigheid en vaardigheid aanwenden om in dit ruige gebied te overleven. Een hond die zijn nut niet kon bewijzen in deze dagelijkse strijd om het bestaan werd niet getolereerd.
Dus moest hij gedurende vele lange uren het hondenrad draaien en werd hij vaak in ingezet tegen andere honden in hondengevechten, een gebruik dat thans niet meer bestaat.
Voordat de Irish Glen of Imaal Terrier bekend raakte op hondenshows, had hij zich gedurende generaties lang hard werken ontwikkeld tot de sterke, robuuste hond die wij tegenwoordig kennen.
De Ierse Kennel Club heeft het ras officieel erkend in 1933 en een vereniging om de belangen van het ras te behartigen werd al snel opgericht.
 
Algemeen voorkomen:
Middelmatig van grootte met een vacht van middelmatige lengte, grote kracht uitstralend en een indruk gevend van een maximum aan substantie voor een hond van dit formaat.
 
Belangrijke verhoudingen:
Lichaam langer dan hoog en laaggesteld.
Gedrag/temperament:
Actief, alert en stil tijdens het werk. Dapper en vurig met grote moed wanneer nodig, overigens zachtmoedig en volgzaam, persoonlijkheid uitstralend. Zijn trouwe en liefhebbende aard maken hem tot een zeer goede huishond en kameraad. Er wordt gezegd dat de Irish Glen of Imaal minder snel opgewonden raakt dan andere terriers, hoewel hij altijd klaar staat om in actie te komen.


Voorkomen:
Hoofd:
Schedel voldoende breed en voldoende lang. Geprononceerde stop.
Neus:
Zwart.

Voorsnuit:
Krachtig, smaller wordend naar de neus.

Kaken:
Krachtige kaken

Gebit:
Gaaf, regelmatig, sterk en van goede grootte. Schaargebit.

Ogen:
 
Bruin, middelmatig groot, rond en goed wijd geplaatst. Lichte ogen ongewenst.

Oren:
Klein rozenoor of half staand tijdens opwinding, in rust naar achter gevouwen.
Hangend of staand oor is ongewenst.

Hals:
Zeer gespierd en van middelmatige lengte.

Lichaam:
Diep en lang, langer dan hoog. Vlakke rug. Sterke lendenen. Brede en diepe borst, met goed gewelfde ribben.

Staart:
Gecoupeerd. Sterk bij de aanzet, goed aangezet en vrolijk gedragen. Bij de pup moet de staart tot halverwege worden gecoupeerd; Een natuurlijke staart (ongecoupeerd) is toegestaan in landen waar couperen bij de wet verboden is.


Voorhand

Schouders:
breed, gespierd en goed teruggelegen.

Voorbenen:
kort, gebogen, met zwaar bot.

Voeten:
compact en sterk, met ronde voetzolen. De voorvoeten moeten licht naar buiten draaien vanuit de pols.

Achterhand:
Sterk.

Dijen:

Goed bespierd.

Knie:

Goed gebogen

Hak:

Noch naar binnen, noch naar buiten draaiend.

Gangwerk/beweging:
Vrij, niet steppend. Loopt moeiteloos met een goede stuwing vanuit de achterhand.
 

Vacht

Haar:
Van middelmatige lengte, van harde structuur met een zachte ondervacht. De vacht mag bijgewerkt worden om een nette belijning te verkrijgen.

Kleur:
Blauw gestroomd, mag niet neigen naar zwart.
Tarwekleurig, van licht tarwe tot goudkleurig rood.
Pups komen blauw, tarwekleurig of roodachtig ter wereld. De lichter gekleurde pups hebben gewoonlijk een donkerblauw masker en er kan ook sprake zijn van een donker gekleurde streep over de rug en over de staart, evenals donkergekleurde oren. Deze donkere aftekening verdwijnt naderhand.
 
Maat en Gewicht:
De maximale schofthoogte voor reuen bedraagt 35,5 cm, teven overeenkomstig minder.
Gewicht voor reuen 16 kg, teven overeenkomstig minder.
 
Fouten:
Iedere afwijking van bovengenoemde punten moet beschouwd worden als een fout en de mate waarin de fout wordt aangerekend moet in juiste verhouding staan tot de ernst van de fout.
Hangoren
Onder voorbijten, overbijten
Te kort in lichaam
Recht front
 
Eliminerende fouten:
De kleur Black and Tan
Smalle voorsnuit
 
NB. Reuen behoren twee duidelijk waarneembare testikels te hebben die volledig in het scrotum zijn ingedaald.